Minister Arie Slob (Onderwijs) voelt er niets voor een tussenjaar in te voeren voor vmbo’ers, waardoor leerlingen de keuze voor een vervolgopleiding nog even voor zich uit kunnen schuiven. Het lijkt de minister beter in het vmbo voldoende aandacht te besteden aan loopbaanbegeleiding. Slob zei dat vandaag in een overleg met de Tweede Kamer.

Hij reageerde op een suggestie van GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld. Volgens haar vinden veel onderwijsinstellingen zo’n tussenjaar een goed idee. Leerlingen die het vmbo verlaten zijn vaak nog te jong om een goede keuze te maken over wat ze verder willen gaan doen, maar ze zijn wel nog leerplichtig. Daardoor moeten ze meteen doorleren. Dat leidt geregeld tot verkeerde keuzes.

Slob denkt echter dat een tussenjaar zorgt voor minder ,,scherpte” bij de loopbaanbegeleiding op het vmbo. Hij vraagt zich bovendien af of een tussenjaar wel het gewenste effect heeft. De minister toonde zich wel bereid om op ambtelijk niveau te overleggen over de kwestie. ,,Praten kan altijd.”

Een Kamermeerderheid steunt de aanpak van onderwijsminister Ingrid van Engelshoven om discriminatie bij stageplekken voor mbo’ers te bestrijden. Uit recente cijfers blijkt dat 24 procent van de leerlingen met een niet-westerse achtergrond minstens vier keer moet solliciteren voor een stageplek. Bij autochtone leerlingen is dat 11 procent. Van Engelshoven wil onder meer bedrijfsbezoeken en trainingen organiseren om het probleem te voorkomen.

Ook wil ze dat de bereidheid om stagediscriminatie te melden toeneemt. Van Engelshoven ziet er echter geen heil in om scholen verantwoordelijk te maken voor het vinden van stageplaatsen, zoals D66-Kamerlid Paul van Meenen opperde. (ANP)

Foto: Oranje Nassau College (ONC) Clauslaan in Zoetermeer.