Het is betoel Pasartijd, elk weekend kunnen we ergens heen en overal is muziek en eten, ik kan winkelen, alleen de afdeling boeken en lezingen is altijd wat magertjes. De drukke tijd van nu bracht mijn gedachten naar de Pasar Gambir, die in 1921 te Batavia een groot succes was, en dat na jaren van zozo.
Waar kwam dat succes vandaan?
1 Een wilskrachtige resident, te weten J.D. Hunger, hij ging wel in 1922 naar een functie elders
2 Geld, toen de resident beslist de pasar wilde, verscheen er in varia gedaanten budget
3 Op tijd beginnen met organiseren, maanden voorafgaand aan augustus waren al de eerste vergaderingen
4 Combineer het: op 31 augustus was het natuurlijk Koninginnedag, toen wel, wie denkt nou nog op die dag aan koningin Wilhelmina?
5 Een krankzinnig groot en veelzijdig programma, met een bewuste keuze om daarin alleen Batavia te promoten
In het gemeenteblad van mei 1921 werd iets genoteerd om een 'garantie' te verlenen voor het houden van een pasar Gambir. Het plan was twee weken, eind augustus en begin september. Ambitie die geld mocht kosten: gedacht werd aan een totaal van 45.000 gulden, anno 1921 een fortuin. Dat budget kwam deels van het gouvernement, deels van de gemeente en deels van fondsen, vooral via financiële constructies. Er moest iets groots en goeds komen, locatie Koningsplein-Zuid, openingstijden van 8 uur 's morgens tot half twee 's nachts, programma's verkrijgbaar in het Hollands en in het Maleis.
Naarmate er meer bekend werd van wat de Pasar Gambir zou inhouden, liepen de spanningen natuurlijk op. Er kwamen automobielraces, schreef het Bataviaasch nieuwsblad, en vele stands en wedstrijden, ook was er militaire muziek, elke dag openluchtbioscoop en vele speciale attracties, "waarvan nog nader bekendheid zal worden gegeven."
Daar willen we heen, dacht Europees Indië, en zo dachten ook andere bevolkingsgroepen, gezien het grote aantal standaanvragen van niet-Europeesche zijde, zoals de krant schreef. Hiervan moet een enorme adminstratie zijn ontstaan, van dus vooral inheemse standhouders die met naam en toenaam bij de organisatie bekend waren.
Op zaterdag 27 augustus 1921 opende resident Hunger de pasar, diezelfde dag waren er al tienduizenden bezoekers. Bij de Europese stands viel vooral de 'Rolls Royce luxe-limousine' op, met een waarde van 75.000 gulden. Wat de eerder genoemde speciale attracties waren, bleek nu ook; zo was er de komedie stamboel en het cabaretgezelschap Van Wijk, een "'arena' waar inlandsche gladiatoren elkaar met hellebaard en zwaard bekampten", een krontjongconcours en operette, en waren er nog de automobielwedstrijden.
Dat Batavia iets goeds en belangrijks had, vernam ook de gouverneur-generaal D. Fock ter ore. Hij kwam met gevolg naar de Pasar Gambir en liet zich een drietal uren rondleiden. Het kon niet mooier.
Toch moet er wel degelijk iets aan de hand zijn geweest, iets, dat de krantenkolommen niet haalde. Want waarom vond de GG het nodig om complimenten te maken over het optreden van de politie? Er was sprake geweest van 'genomen maatregelen', zowel door de Europese als de inlandse politie. Tegen wie, waarom, dat stond er niet bij in de krant.
Mogelijk hing er toch een schaduw over de Pasar Gambir. Slechts vijf jaar later werd immers het interneringskamp Boven-Digoel geopend, waar onder andere nationalisten zonder vorm van proces konden worden opgeborgen. Zo argeloos vanzelfsprekend was de koloniale samenleving niet meer. Misschien dat daarom de kranten net wat harder juichten over de Pasar Gambir.
https://www.indischeschrijfschool.nl
Pasar Gambir te Batavia, 1921
31 August 2026, 09:14 uur
Columns