Eenzaamheid blijft een groot maatschappelijk probleem in Zoetermeer. Naar schatting voelt één op de zeven inwoners zich sterk eenzaam. In Meerzicht-Oost en Palenstein ligt dat aandeel aanzienlijk hoger: daar gaat het om ongeveer één op de vijf volwassenen.
De cijfers komen voort uit een grootschalig gezondheidsonderzoek van CBS, RIVM en GGD. Hierbij worden inwoners aan de hand van elf verschillende stellingen ondervraagd over eenzaamheid. Van sterke eenzaamheid is sprake wanneer iemand bij minimaal negen stellingen een antwoord geeft dat daarop wijst.
Vooral de verschillen binnen Zoetermeer vallen op. Waar het gemiddelde voor de hele gemeente rond één op de zeven ligt, loopt het geschatte percentage in Meerzicht-Oost en Palenstein op tot ongeveer twintig procent. Daarmee lijkt de problematiek zich in bepaalde delen van de stad sterker te concentreren.
Eenzaamheid is bovendien niet uitsluitend een probleem onder ouderen. Het kan mensen in vrijwel iedere levensfase treffen. Het aantal sociale contacten zegt daarbij niet alles. Ook iemand die regelmatig andere mensen ziet, kan het gevoel hebben niemand te hebben om persoonlijke ervaringen of problemen mee te delen.
De cijfers onderstrepen het belang van voorzieningen en activiteiten waarbij inwoners elkaar laagdrempelig kunnen ontmoeten. Buurtcentra, sportverenigingen, vrijwilligersorganisaties en andere lokale initiatieven kunnen daarbij een rol spelen. Minstens zo belangrijk is het herkennen van inwoners die nauwelijks deelnemen aan dergelijke activiteiten en daardoor buiten beeld dreigen te blijven.
Voor Zoetermeer ligt er daarmee niet alleen een stadsbrede opgave. De verschillen tussen wijken laten zien dat een aanpak op buurtniveau van belang kan zijn. Zeker in Meerzicht-Oost en Palenstein, waar naar schatting één op iedere vijf volwassenen sterk eenzaam is, vraagt het onderwerp nadrukkelijk om aandacht.