De plannen voor een duurzaam warmtesysteem in de binnenstad van Zoetermeer krijgen steeds concretere vormen, maar de uitvoering blijkt complexer dan aanvankelijk werd gedacht. Nu er ruim twee miljoen euro beschikbaar is voor de aanleg van twee warmte-koudebronnen, werkt wethouder duurzaamheid Bouke Velzen inmiddels aan de volgende fase: de ontwikkeling van een warmtenet en een gemeentelijk warmtebedrijf.
Toch tempert de wethouder inmiddels de verwachtingen over de snelheid van het project. Volgens hem vraagt de energietransitie in de binnenstad meer voorbereiding, samenwerking en technische uitwerking dan eerder werd aangenomen.
Investering in duurzame warmte
De beschikbare subsidie van ruim twee miljoen euro moet worden ingezet voor twee zogenoemde warmte-koudeopslagsystemen (WKO’s). Daarmee kan warmte in de zomer worden opgeslagen en in de winter worden gebruikt om gebouwen duurzaam te verwarmen. Andersom kan het systeem ook zorgen voor verkoeling tijdens warme periodes.
De bronnen vormen een belangrijke eerste stap richting een aardgasvrije binnenstad. Uiteindelijk moeten woningen, winkels en andere gebouwen worden aangesloten op een collectief warmtenet.
Volgende stap: een warmtenet
De aanleg van een warmtenet blijkt echter een ingewikkelde operatie. Niet alleen technisch, maar ook organisatorisch en financieel. Er moeten afspraken worden gemaakt met gebouweigenaren, bewoners, netbeheerders en mogelijke investeerders. Daarnaast speelt de vraag wie het toekomstige warmtebedrijf gaat beheren en financieren. Gemeenten kiezen steeds vaker voor een publieke rol om grip te houden op betaalbaarheid en duurzaamheid, maar dat vraagt ook om nieuwe expertise en langdurige investeringen.
Binnenstad brengt extra uitdagingen mee
Juist in historische binnensteden zijn duurzame warmteprojecten vaak ingewikkeld. Oude gebouwen, beperkte ruimte onder de grond en bestaande infrastructuur maken de aanleg van leidingen technisch uitdagend. Ook moeten werkzaamheden zorgvuldig worden afgestemd om overlast voor bewoners, ondernemers en verkeer zoveel mogelijk te beperken.
Tegelijkertijd groeit de druk om tempo te maken met verduurzaming. Gemeenten moeten de komende jaren stappen zetten richting aardgasvrije wijken en lagere CO₂-uitstoot.
Lange adem nodig
Hoewel de plannen vertraging oplopen, benadrukt de wethouder dat de ambitie overeind blijft. De investering in warmte-koudebronnen wordt gezien als een belangrijke basis voor verdere verduurzaming van de binnenstad. De komende periode staat vooral in het teken van onderzoek, samenwerking en het uitwerken van financiële modellen voor het warmtenet en het warmtebedrijf. Daarmee wordt opnieuw duidelijk dat de energietransitie niet alleen een technische uitdaging is, maar ook een langdurig proces van keuzes maken, samenwerken en investeren.
Door: Bart Bakker