De gemeente Zoetermeer gaat de overlast van bomen op een andere manier aanpakken. Een eerder overwogen proef met hormooninjecties gaat niet door, omdat de toepassing daarvan juridisch niet mogelijk blijkt. In plaats daarvan wil de gemeente de groeiomstandigheden van bomen verbeteren. Onder meer de Juweellaan, Geel-Groenlaan en het Burgemeester Aptrootpark komen daarbij in beeld.
De overlast van bomen houdt bewoners op verschillende plaatsen in Zoetermeer al langer bezig. Vooral de kleverige afscheiding die op geparkeerde auto's, fietsen, terrassen en bestrating terechtkomt, zorgt voor ergernis. Het schoonmaken kost bewoners tijd en geld, terwijl de problemen ieder jaar kunnen terugkeren.
De gemeente onderzocht daarom de mogelijkheid om bomen met hormooninjecties te behandelen. Deze methode zou de overlast mogelijk kunnen verminderen zonder dat bomen hoeven te worden gekapt. De geplande proef gaat echter niet door, omdat de benodigde toepassing niet binnen de geldende wettelijke regels mogelijk blijkt.
Daarmee moet Zoetermeer op zoek naar een alternatief. De gemeente richt zich nu op het verbeteren van de groeiplaatsen van bomen. Door bomen betere omstandigheden te bieden, hoopt zij de gezondheid en weerbaarheid van het groen te versterken.
De aanpak kan onder meer bestaan uit het verbeteren van de bodemstructuur, het vergroten van de beschikbare wortelruimte en het bevorderen van de opname van water en voedingsstoffen. Welke maatregelen op de afzonderlijke locaties worden uitgevoerd, moet nader worden uitgewerkt.
Een belangrijk aandachtspunt is de vraag of deze maatregelen daadwerkelijk een einde kunnen maken aan de kleverige overlast. Die wordt bij bepaalde boomsoorten vaak veroorzaakt door honingdauw, een suikerhoudende afscheiding van bladluizen die zich voeden met plantensappen.
Wanneer honingdauw op auto's en bestrating terechtkomt, ontstaat een plakkerige laag. Vooral tijdens warme en droge perioden kan dit voor problemen zorgen. Ook kunnen schimmels zich op de afscheiding ontwikkelen, waardoor oppervlakken donker verkleuren.
Het verbeteren van de groeiplaats kan bijdragen aan gezondere bomen, maar betekent niet automatisch dat bladluizen verdwijnen. De effectiviteit van de nieuwe aanpak zal daarom mede afhangen van de boomsoort, de plaatselijke omstandigheden en de mate waarin de overlast door bladluizen wordt veroorzaakt.
Voor bewoners van onder meer de Juweellaan en Geel-Groenlaan is vooral van belang wanneer zij verbetering kunnen verwachten. Ook in de omgeving van het Burgemeester Aptrootpark speelt de vraag welke maatregelen mogelijk zijn zonder het bestaande groen aan te tasten.
De gemeente staat daarbij voor een lastige afweging. Bomen leveren een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van de stad. Ze zorgen voor schaduw, verkoeling en opvang van regenwater. Daarnaast zijn ze van belang voor vogels, insecten en andere dieren.
Tegelijkertijd moet rekening worden gehouden met inwoners die dagelijks hinder ondervinden van de bomen in hun straat. Het behoud van groen en het beperken van overlast moeten daarom zoveel mogelijk samengaan.
Met het afblazen van de injectieproef kiest Zoetermeer voor een aanpak die zich vooral richt op de langere termijn. De vraag is of het verbeteren van de groeiplaatsen voldoende resultaat oplevert om de klachten van bewoners daadwerkelijk terug te dringen.
Voorlopig blijft daarmee onzeker wanneer inwoners op de betrokken locaties minder last zullen hebben van de plakkerige afscheiding. De komende periode zal moeten blijken welke concrete maatregelen de gemeente neemt en hoe het effect daarvan wordt beoordeeld.