De accijns op brandstof stijgt volgend jaar twee keer zo hard in vergelijking met het jaar daarvoor. Op 01-01-2019 verhoogt de overheid de verbruiksbelasting op benzine, diesel en LPG. De overheid beslist grotendeels hoe duur onze brandstof is.

Verschil accijns 2019 versus 2018

Zo stijgt benzine met bijna 1 cent per liter (0,00934 p/l) en diesel iets meer dan een halve cent per liter (0,00588 p/l). In het geval van LPG wordt het bedrag per liter verhoogt met iets minder dan een kwart cent per liter (0,0022 euro p/l).

Rekenen we de accijnsverhoging om naar een bedrag per tankbeurt dan moet er ook gekeken worden naar andere belastingen. “Dan praat je over een serieuze verhoging, want over de accijns wordt ook nog eens btw geheven. Dat is dus eigenlijk een belasting over een belasting”, aldus Paul van Selms van UnitedConsumers.

Hoeveel scheelt dat per tankbeurt?

We tanken gemiddeld zo’n 40 liter per keer. Met de volgende som berekent u het verhoogde bedrag: accijns x btw (21 procent) x 40 liter = extra kosten voor een tankbeurt in 2019. De kosten voor benzine stijgen 0,45 cent per tankbeurt. Dieselrijders zijn 0,28 cent duurder uit en automobilisten met LPG komen uit op 0,10 cent extra.

Van Selms: “Een automobilist met 20.000 km per jaar op de teller (1 liter op 15 km verbruik) is daardoor op jaarbasis zo’n 15 euro extra kwijt aan benzine. In het geval van diesel en LPG ligt dit bedrag natuurlijk iets lager vanwege de lagere stijging van de accijns, maar deze auto’s rijden daarentegen vaak twee keer zoveel kilometers.”

Bijna de helft benzineprijs bestaat uit accijns

Met 8.000.000 automobilisten heeft de Nederlandse overheid ruim 120.000.000 euro aan extra inkomsten vanuit brandstofaccijns. Uiteindelijk bepaalt de overheid de benzineprijs voor het grootste deel. “De btw en andere heffingen laten zien dat de Nederlandse overheid voor ongeveer 75 procent beslist hoe duur onze brandstof is”, vertelt Van Selms.

Bron: ANP