In de afgelopen week was het afscheid van 22 collega-raadsleden dé gebeurtenis. Niet alleen omdat ik 22 gedichten op tijd af moest krijgen, maar vooral omdat ik ze zal missen. Met sommigen heb ik jaren en jaren samen in de raad gezeten. We waren daarbij soms elkaars tegenstanders, maar ook heel vaak werkten we samen.

In ieder geval hebben we met elkaar van alles beleefd: successen en tegenslagen. En vooral de laatste jaren, met alle bezuinigingen die we moesten doorvoeren en met de vele nieuwe taken die vanuit het Rijk met te weinig geld naar de gemeenten werden verplaatst, was het hard werken voor de raadsleden.

Natuurlijk zijn er altijd een paar in zo’n raad van 39 mensen die het met ‘de Franse slag’ doen (sorry Frankrijk), maar ik kan u verzekeren dat de meesten keihard hebben gewerkt om het allemaal zo goed mogelijk te doen.

Nestor

Ik ben het langstzittende raadslid en aan mij was het de eer om – na de plechtige afscheidswoorden van de burgemeester – alle vertrekkers toe te spreken. Ik deed dat met een persoonlijk gedicht.

Dat kostte veel tijd. Van sommigen kon ik ruim op tijd al aan hun fracties vragen om mee te denken, maar ik moest sowieso in de oude notulen duiken. Een deel is alleen op papier beschikbaar, dus ik heb de blaren op mijn vingers gebladerd. En voor je het weet, zit je van alles te lezen: wat is er veel gebeurd en veranderd in Zoetermeer! Het is net als met oude foto’s: je zoekt er één en ondertussen blijf je hangen bij al die andere herinneringen.

En dan die rijmpjes zelf maken. Ik werkte steeds aan een versje tot ik bleef steken, dan laat ik het even rusten, en ga door met een andere. En steeds kritisch lezen: is mijn opluchting dat een bepaald persoon vertrekt niet al te duidelijk te horen? Geef ik niet te veel weg van de persoonlijke omstandigheden van een ander?

En het aller-lastigste: stoppen met werken aan die gedichten. Op een goed moment moet je jezelf echt dwingen: ‘klaar!’ en dan de boel naar de griffie sturen om het mooi te laten printen en het zelf nog twee keer te oefenen, zodat het een beetje vloeiend uit je mond komt.

Welkom

Deze week is ook de nieuwe raad geïnstalleerd. Met een bosje tulpen op het raadsbankje hebben alle raadsleden ‘dat verklaar en beloof ik’ of ‘zo waarlijk helpe mij God almachtig’ uitgesproken. Dat blijkt trouwens nog best een dingetje als je zenuwachtig bent. Al die nieuwe mensen moeten eerdaags ook voor het eerst in de raad spreken. De zogenaamde ‘maidenspeech’. Dat is best een beetje spannend. Ik verwacht veel knikkende knieën en trillende handen.

Mensen denken soms dat ze veel ervaring hebben met spreken in het openbaar, maar vaak was dat helemaal niet openbaar, maar een grote zaal vol mensen van het werk. Zo’n zaal die om te beginnen met een positieve grondhouding naar je luistert. Dat is toch anders dan spreken in de raad. Het publiek dat komt naar een raadsvergadering is bijna altijd tégen de plannen, want de voorstanders blijven gewoon thuis.

En de verwachtingen zijn hooggespannen! Zelf ben ik ook heel benieuwd naar al die nieuwe mensen. Ik kijk er bijvoorbeeld echt naar uit hoe het ‘partijkartel wordt doorbroken’. Hoe lang zal het duren voor degenen die dat willen in de gaten krijgen dat er alleen een coalitie-akkoord komt en dat er verder steeds wisselende meerderheden zijn?

En wat te denken van het ‘luisteren naar de mensen’? Zó! Zoetermeer doet dat al jaren, en dat is echt een stuk minder eenvoudig dan het lijkt. In zo’n grote stad als Zoetermeer zijn de meningen altijd verdeeld, dus het is zaak om de mening van zoveel mogelijk mensen in de plannen mee te nemen, maar van iedereen kán niet. Dus er zijn aan het eind van de rit altijd mensen die vinden dat er naar hen niet is geluisterd.

En dan hebben we ook nog de mensen die niet van zich kunnen laten horen, omdat het nog niet duidelijk is wie er precies baat bij hebben. Dat geldt bijvoorbeeld bij starterswoningen en bij zaken die veel werkgelegenheid met zich meebrengen. Het ‘algemeen belang’ heeft geen gezicht en kan niet voor zichzelf opkomen. Dat moet de raad doen!

We gaan het zien, in ieder geval zitten er weer 39 mannen en vrouwen enthousiast klaar om ervoor te zorgen dat Zoetermeer de beste stad van Nederland blijft.

Afscheid

Dit is mijn vijftigste column voor www.zoetermeersdagblad.nl. Dus zo’n twee jaar heb ik iedere twee weken een column geschreven. Ik vond het een eer en een uitdaging. Dit is voorlopig de laatste. Zoetermeers Dagblad heeft nu columnisten genoeg en ik ga kijken of ik iets meer betaald en iets minder gratis werk voor mezelf kan organiseren.

Zoetermeers Dagblad hartelijk bedankt, en alle lezers natuurlijk ook HARTELIJK BEDANKT voor de belangstelling.

Laat een reactie achter