Het Voedingscentrum heeft het voedingshulpmiddel Schijf van Vijf herzien met "recente wetenschappelijke inzichten". De vijf vakken met aanbevolen voedingsgroepen richtten zich in eerdere versies veelal op gezondheid, maar nu is meer plaats gemaakt voor duurzaamheid, voedselveiligheid en persoonlijke dieetvoorkeuren.
De kern van de Schijf van Vijf, die zich onder meer baseert op adviezen van de Gezondheidsraad en het RIVM, blijft min of meer hetzelfde. De grootste verschuivingen zijn gemaakt in het "roze vak", waar de aanbevolen hoeveelheden voor eiwitbronnen staan. Als het aan het Voedingscentrum ligt, gaan mensen minder van hun eiwitbehoeften halen uit dierlijke producten en kiezen ze vaker voor eiwitrijke plantaardige alternatieven, zoals peulvruchten.
Zo wordt er nu, voor een volwassen man, aanbevolen om hoogstens 300 gram vlees per week te eten, waarvan hoogstens 100 gram rood vlees. In 2016 was dit nog maximaal 500 gram waarvan 300 gram rood vlees. Het Voedingscentrum beveelt daarnaast ook aan om zuivelproducten vaker te vervangen door niet-dierlijke producten. De productie van deze voedingswaren, vooral rood vlees, is milieubelastend door het vele watergebruik en broeikasgasuitstoot. Het Voedingscentrum heeft de doelstelling van het VN-klimaatpanel IPCC, waarin de aarde niet meer dan 1,5 graad mag opwarmen, meegenomen in de doorrekeningen waarop het de adviezen baseert.
"Gezondheid, duurzaamheid en voedselveiligheid horen onlosmakelijk bij elkaar. Met de vernieuwde Schijf van Vijf laten we dat zien", zegt Petra Verhoef, directeur bij het Voedingscentrum. "Alle doorgerekende eetpatronen zijn zo gezond mogelijk, hebben een lage milieubelasting en houden rekening met veilige grenzen. Zo zorgen we niet alleen goed voor onszelf, maar ook voor de wereld om ons heen en voor toekomstige generaties."
Voedselveiligheid krijgt ook meer aandacht. Zo werd er gekeken naar de grenswaarden van schadelijke stoffen in voeding, zoals het veelbesproken PFAS. "Als je met de Schijf van Vijf eet, kom je meestal niet boven die grenzen uit, maar er zijn wel knelpunten", zegt Wieke van der Vossen, expert voedselveiligheid bij het Voedingscentrum. "Vis wordt nog steeds aanbevolen, al zitten daar vaak hogere PFAS-waarden in; dan moeten we een afweging maken." Volgens haar kun je daar als consument weinig aan doen en moeten producenten en beleidsmakers werk maken van het verminderen van schadelijke stoffen in voedsel.
Door: ANP