De gemeente Zoetermeer heeft voor 2027 een sluitende begroting vastgesteld, maar achter de positieve cijfers gaan forse financiële uitdagingen schuil. Om de begroting rond te krijgen, wordt opnieuw een beroep gedaan op de algemene reserve. Ditmaal haalt de gemeente tien miljoen euro uit haar financiële buffer. Daardoor ontstaat op papier een positief begrotingssaldo van bijna 4,5 miljoen euro. Vanaf 2028 dreigen echter oplopende tekorten, waardoor de gemeente voor ingrijpende keuzes komt te staan.
De gemeenteraad stemde donderdag unaniem in met de Programmabegroting 2027-2030. Daarmee kreeg het college van burgemeester en wethouders brede politieke steun voor de financiële plannen voor volgend jaar. Toch betekent die eensgezindheid niet dat de zorgen over de gemeentelijke financiën zijn verdwenen. Integendeel. De komende jaren dreigt Zoetermeer steeds meer geld tekort te komen. Vooral de stijgende uitgaven aan jeugdzorg drukken zwaar op de begroting. Daarnaast speelt de onzekerheid over de financiële bijdragen van het Rijk een belangrijke rol.
Het jaar 2028 wordt daarbij als een belangrijk omslagpunt gezien. Gemeenten vrezen vanaf dat moment met aanzienlijk minder financiële middelen te moeten werken, terwijl hun taken en verantwoordelijkheden blijven toenemen. Voor Zoetermeer betekent dit dat de gemeente niet langer uitsluitend kan vertrouwen op incidentele financiële oplossingen. Het aanspreken van de algemene reserve biedt op korte termijn ruimte, maar vormt geen structurele oplossing voor jaarlijks terugkerende tekorten.